ik wil onderdakik ben verwijzerik heb overlastik wil kijkenik wil geven

Bewoners


Luc (32) - Luc verhuisde met zijn familie van Delft naar Zwolle toen hij puber was. Luc ging naar de mts en de havo. Beide opleidingen liepen op niets uit. Hij deed fanatiek aan karate en tennis en in het weekeind ging hij graag de kroeg in. Luc was bepaald geen lieverdje en werd vaak opgepakt door de politie. In de jaren negentig werd hij door de politie naar een psychiatrisch ziekenhuis gebracht. Het vermoeden bestond dat er toch iets met hem aan de hand was. In de kliniek constateerden de artsen schizofrenie. Luc volgde een half jaar een resocialisatiecursus en ging daarna op zichzelf wonen. Zij ouders en vrienden hadden inmiddels de handen van hem afgetrokken. Hij kwam op straat terecht en sliep bij het Leger des Heils of in oude treinstellen. Uiteindelijk belandde hij bij Joop van Ommen. Hij at er in het weekeinde en hielp mee met het opruimen na de kerkdiensten die elke zondag in de WRZV-hallen worden gehouden. Via Joop kreeg hij een huisje toegewezen in Zwolle. Na een paar maanden werd hij opgepakt wegens een burenruzie. Hij bedreigde tijdens zijn arrestatie politieagenten met de dood. Luc kreeg dwangverpleging opgelegd. Ook kreeg hij medicijnen. Later volgde hij een cursus tot bankwerker en lasser. Sinds een paar maanden werkt hij weer voor Joop. Hij wordt begeleid en het gaat weer goed met hem.

Anita (47) - Anita was een lastig kind en had een lichte vorm van ADHD. Toen haar ouders scheidden ging het mis. Ze deed op haar dertiende een zelfmoordpoging en het ging steeds verder bergafwaarts met Anita. Hierdoor liep haar mavo-opleiding op niets uit. Ze raakte aan de drugs. Haar moeder verongelukte toen ze zeventien jaar was. Anita ging op zichzelf wonen en werkte in hotels in Zandvoort en andere badplaatsen. Ze trouwde en kreeg twee dochters. De relatie liep stuk en Anita vertrok met haar kinderen naar Overijssel, waar ze een nieuwe man leerde kennen. Samen startten ze een escortbureau. Haar partner nam echter prostituees in dienst die hij uitbetaalde met drugs. De politie kreeg er lucht van en pakte het stel op. Anita kwam vrij omdat ze kon aantonen dat ze niets wist van de praktijken van haar man. Toen hij uiteindelijk uit de gevangenis kwam, schopte hij Anita de straat op. Haar kinderen waren inmiddels volwassen en hadden een zelfstandig bestaan opgebouwd. Anita verbleef een aantal maanden bij haar ernstig zieke vader, maar die wilde uiteindelijk dat ze vertrok. Ze had geen inkomen en trok bij een vriendin in. Die was echter verslaafd aan cocaïne. Anita besloot naar De Herberg te gaan. Overdag helpt ze met klussen in en rond De Herberg. Daarvoor krijgt ze twintig euro in de week. Dit geld heeft ze hard nodig, want ze krijgt geen uitkering. Anita is blij met haar plek in De Herberg. Ze vindt dat ze er met respect wordt behandeld.

Feisal - Feisal komt uit Afghanistan. Hij had een goedlopend bedrijf maar werd in het midden van de jaren negentig opgepakt toen de Taliban het land veroverden. Een aantal van zijn familieleden, onder wie zijn dochtertje van vijf jaar, werden om het leven gebracht. Maar Feisals moeder wist hem vrij te kopen. Hij besloot te vluchten en betaalde veel geld aan een mensensmokkelaar. Met een paard en een ezel werden Feisal en zijn vrouw het land uitgebracht. Ze pakten het vliegtuig naar Europa, arriveerden per trein in Nederland, maar raakten elkaar onderweg kwijt. Feisal bleef een maand in onzekerheid in het asielzoekerscentrum in Emmeloord voordat hij haar kon ophalen van een politiebureau. Ze was opgepakt omdat ze niet de juiste papieren had; die had Feisal bij zich. Zijn vrouw raakte in verwachting en het stel verhuisde naar Zeewolde. Daar beviel ze van een zoon. Na Zeewolde verhuisde het gezin naar Zwolle. Daar werd een tweede kind geboren. Feisal en zijn vrouw gingen op vrijwillige basis werken - zij in een kinderdagverblijf, hij in het AZC. Na negen jaar in Nederland werd het gezin in 2004 met uitzetting gedreigd. Door nieuwe wetgeving konden ze niet meer naar een ander EU-land. Geld voor een vlucht naar bijvoorbeeld Canada had Feisal niet. Ten einde raad zochten hij en zijn gezin hulp bij De Herberg.

Edwin (29) - Edwin is een jongen die zich al van kinds af aan in de nesten werkte. Zijn ouders scheidden toen Edwin nog jong was. Zijn moeder wist zich geen raad met zijn gedrag. Zij stuurde hem naar een jeugdinternaat. Dit was niet bevorderlijk voor zijn ontwikkeling. Hij kwam in het criminele circuit terecht. Zo belandde hij in de gevangenis, waar hij een tijdje in bewaring werd gesteld. Edwin raakte verslaafd aan de drugs. Het begon met een joint en eindigde met de spuit in de arm. Toch kreeg Edwin een relatie en een goede baan. Een tijdje ging het hem voor de wind. Zijn verslaving speelde hem echter parten. Zijn vriendin vertrok, hij verloot zijn baan en tot overmaat van ramp overleed zijn vader. Edwin raakte in een dip en besloot te vertrekken. Hij liet alles wat hem lief was achter en kwam in Zwolle terecht. Hij sliep een paar nachten in de buitenlucht, kwam vervolgens via het CAD en Bonjour, de dagopvang van het Leger des Heils, terecht bij een christelijke afkickkliniek in Rotterdam. Daar kickte hij af. Hij bleef enkele maanden in Rotterdam. Toen ging het echter weer slechter met hem. Hij besloot terug te gaan naar Zwolle. Daar ontmoette hij Joop van Ommen. Tot zijn grote vreugde. “Als er meer Jopen zouden zijn zou deze wereld er een stuk rooskleuriger uitzien,” vindt Edwin. Ook de mensen van de RIBW en de andere medewerkers van De Herberg krijgen van Edwin een pluim.




iedereen onderdak!